Naar de inhoud
ExcelOefeningen

Gewogen gemiddelde berekenen in Excel met SOMPRODUCT

Bijgewerkt op

Een gewogen gemiddelde bereken je in Excel met =SOMPRODUCT(B2:B6;C2:C6)/SOM(C2:C6), met de cijfers in kolom B en de wegingen in kolom C. Een cijfer met weging 3 telt dan drie keer zo zwaar mee als een cijfer met weging 1. Een aparte functie bestaat niet, ook niet in de Engelse Excel, waar SOMPRODUCT SUMPRODUCT heet.

Wat is een gewogen gemiddelde?

Bij een gewoon gemiddelde telt elk getal even zwaar. Bij een gewogen gemiddelde krijgt elk getal een gewicht. Een proefwerk met weging 3 telt drie keer zo zwaar als een overhoring met weging 1.

Zo reken je het uit de hand:

  • vermenigvuldig elk cijfer met zijn weging
  • tel die uitkomsten op
  • deel door de som van de wegingen

Stel: een 7 met weging 1, een 5,5 met weging 2 en een 8 met weging 3. Dat is 7 + 11 + 24 = 42, gedeeld door 1 + 2 + 3 = 6. Het gewogen gemiddelde is 7.

Het gewone gemiddelde van deze drie cijfers is maar 6,83. Daar telt de 8 net zo licht als de rest, terwijl die juist het zwaarst hoort te wegen.

De formule met SOMPRODUCT

In Excel doe je die drie stappen in één formule:

=SOMPRODUCT(B2:B6;C2:C6)/SOM(C2:C6)

SOMPRODUCT vermenigvuldigt de twee bereiken rij voor rij en telt de uitkomsten op. Het rekent dus B2 x C2 + B3 x C3 en zo verder. Daarna deel je door SOM(C2:C6), de som van alle wegingen.

Let op een paar dingen:

  • beide bereiken zijn even groot en beginnen in dezelfde rij, anders krijg je #WAARDE!
  • de volgorde van de twee bereiken in SOMPRODUCT maakt niet uit
  • deel door de som van de wegingen, niet door het aantal cijfers

Wil je het eindcijfer op één decimaal, zet er dan AFRONDEN omheen: =AFRONDEN(SOMPRODUCT(B2:B6;C2:C6)/SOM(C2:C6);1).

Wegingen in procenten of in getallen

Wegingen kun je als gewone getallen schrijven, zoals 1, 2 en 3, of als percentages, zoals 20%, 30% en 50%. De formule werkt voor allebei.

Tellen de percentages precies op tot 100%, dan is SOM(C2:C6) gelijk aan 1. Dan zou SOMPRODUCT alleen ook genoeg zijn. Laat de deling toch staan. Tellen de wegingen per ongeluk op tot 90% of 110%, dan klopt je uitkomst nog steeds.

Het maakt ook niet uit of je 1, 2 en 3 gebruikt of 10, 20 en 30. Alleen de verhouding tussen de wegingen telt, want je deelt altijd door hun som. Gebruik dus gewoon de wegingen zoals ze in je studiewijzer of PTA staan.

Gemiddelde tot nu toe en het cijfer dat je nog nodig hebt

Halverwege het jaar zijn nog niet alle cijfers bekend. Een lege cel telt in SOMPRODUCT als 0, maar de weging telt in SOM wel mee. Je gemiddelde lijkt dan veel te laag. Deel daarom alleen door de wegingen van cijfers die er al zijn:

=SOMPRODUCT(B2:B5;C2:C5)/SOM.ALS(B2:B5;"<>";C2:C5)

SOM.ALS telt hier alleen de wegingen op van rijen waarin kolom B niet leeg is.

Wil je weten welk cijfer je nog moet halen voor een 5,5 gemiddeld, met het laatste cijfer in rij 5? Dan reken je terug:

=(5,5*SOM(C2:C5)-SOMPRODUCT(B2:B4;C2:C4))/C5

Komt daar meer dan 10 uit, dan is een voldoende niet meer haalbaar. Komt er een laag getal uit, dan zit je al bijna goed.

Verschil met GEMIDDELDE en andere toepassingen

GEMIDDELDE telt alle getallen even zwaar. Dat is prima als elk getal even belangrijk is. Zodra het ene getal meer gewicht heeft dan het andere, geeft GEMIDDELDE een vertekend beeld. Hebben alle wegingen dezelfde waarde, dan geven beide formules hetzelfde.

Een gewogen gemiddelde kom je ook buiten school tegen:

  • de gemiddelde inkoopprijs, gewogen naar het aantal stuks per levering
  • het gemiddelde cijfer van een opleiding, gewogen naar studiepunten
  • de gemiddelde marge, gewogen naar de omzet per product

De formule is steeds dezelfde: =SOMPRODUCT(waarden;gewichten)/SOM(gewichten). Bij de inkoopprijs zijn de prijzen de waarden en de aantallen de gewichten.

Voorbeelden

Eindcijfer met wegingen

Een leerling heeft vier cijfers met verschillende wegingen. In F3 staat ter vergelijking het gewone gemiddelde.

=SOMPRODUCT(B2:B5;C2:C5)/SOM(C2:C5) in cel F2

F2
ABCDEFG
1OnderdeelCijferWeging
2Overhoring 18,01Gewogen gemiddelde6,2
3Overhoring 27,51Gewoon gemiddelde6,8
4Proefwerk5,03
5Praktische opdracht6,52
6
7

Klik op cel F2 om de formule te zien of aan te passen.

Het gewogen gemiddelde is 6,2. Het gewone gemiddelde is 6,8, omdat de 5 voor het zware proefwerk daar maar één keer meetelt.

Gemiddelde tot nu toe

De eindtoets is nog niet gemaakt. SOM.ALS telt alleen de wegingen van cijfers die er al zijn. F3 rekent uit wat de leerling nog nodig heeft voor een 5,5.

=SOMPRODUCT(B2:B5;C2:C5)/SOM.ALS(B2:B5;"<>";C2:C5) in cel F2

F2
ABCDEFG
1OnderdeelCijferWeging
2Toets periode 16,520%Gemiddelde tot nu toe6,6
3Toets periode 27,820%Nodig voor een 5,52,9
4Werkstuk5,930%
5Eindtoets30%
6
7

Klik op cel F2 om de formule te zien of aan te passen.

Over de drie cijfers die er al zijn, staat de leerling een 6,6. Voor een 5,5 als eindcijfer is op de eindtoets een 2,9 genoeg.

Gemiddelde inkoopprijs

Een bakkerij kocht drie keer verpakkingen in, steeds tegen een andere prijs. De grote levering moet zwaarder meetellen dan de kleine.

=SOMPRODUCT(B2:B4;C2:C4)/SOM(B2:B4) in cel F2

F2
ABCDEFG
1LeveringAantalPrijs per stuk
2Week 10200€ 1,20Gewogen prijs€ 1,10
3Week 1450€ 1,50Gemiddelde van de prijzen€ 1,25
4Week 18750€ 1,05
5
6

Klik op cel F2 om de formule te zien of aan te passen.

Gemiddeld betaalde de bakkerij € 1,10 per stuk, want de grote levering was goedkoop. Het gemiddelde van de drie prijzen, € 1,25, is te hoog.

Veelgemaakte fouten

  • Delen door het aantal cijfers

    =SOMPRODUCT(B2:B5;C2:C5)/4 klopt alleen als de wegingen samen 4 zijn. Deel altijd door de SOM van de wegingen.

  • Bereiken van verschillende grootte

    B2:B6 en C2:C5 zijn niet even groot en geven #WAARDE!. Laat beide bereiken in dezelfde rij beginnen en eindigen.

  • Lege cijfers tellen als 0

    Een cijfer dat er nog niet is, trekt je gemiddelde omlaag omdat de weging wel meetelt. Deel door SOM.ALS(B2:B5;"<>";C2:C5) in plaats van SOM(C2:C5).

  • GEMIDDELDE gebruiken voor cijfers met weging

    GEMIDDELDE kijkt niet naar de wegingen. Gebruik SOMPRODUCT gedeeld door SOM zodra niet alles even zwaar telt.

Oefen het zelf

Lezen is één, het zelf typen is wat blijft hangen. Deze lessen gaan erover:

Veelgestelde vragen

Hoe bereken ik een gewogen gemiddelde in Excel?

Gebruik =SOMPRODUCT(B2:B6;C2:C6)/SOM(C2:C6), met de waarden in kolom B en de wegingen in kolom C.

Wat is het verschil tussen een gemiddelde en een gewogen gemiddelde?

Bij een gewoon gemiddelde telt elk getal even zwaar. Bij een gewogen gemiddelde telt een getal met een hogere weging zwaarder mee.

Moeten de wegingen optellen tot 100%?

Nee. Omdat je deelt door de som van de wegingen, maakt het niet uit of ze optellen tot 100%, tot 6 of tot iets anders.

Hoe bereken ik mijn gemiddelde cijfer met weging?

Zet je cijfers in kolom B en de wegingen in kolom C en gebruik =SOMPRODUCT(B2:B10;C2:C10)/SOM(C2:C10). Rond af met AFRONDEN als je één decimaal wilt.

Heeft Excel een functie voor een gewogen gemiddelde?

Nee, er is geen aparte functie. Je combineert SOMPRODUCT en SOM. In de Engelse Excel heet SOMPRODUCT SUMPRODUCT.

Gerelateerde functies